0031 (0) 6 12 4000 40 info@cunerus.nl

smolny

Een wit-blauw gebouw met prachtige koepels. Links en rechts bijgebouwen. Voormalige kloosterruimten en universiteitsruimten voor de wetenschappen der religie. Hij ligt wat uit het centrum van Sint Petersburg, maar de pracht en praal, de schoonheid van de kathedraal en bijgebouwen maken het bijzonder om daar naartoe te gaan. De naam is: Smolny.

Ik stap uit een auto en ik sleep een zwaar statief, een tas met een camera en allerlei attributen met mij mee. Het doel vandaag is de Smolny kathedraal. Vanavond geeft een Nederlands gelegenheidskoor met orkest hier een uitvoering van de Carmina Burana en ik ben gevraagd om daar een videoregistratie van te maken.

Ooit heb ik een zwaar statief in onderdelen naar Rusland getransporteerd. In de ruimbagage. Het was een tijd waarin ik op de Euro’s moest letten. Het statief had al een gewicht van 10 kg. Bovendien staken de drie poten ver buiten de koffermaten uit. Ik heb het geheel uit elkaar geschroefd en in onderdelen  naar Rusland gevlogen. Ik zie het al voor me: de verbazing en de vragen van veiligheidsafdelingen. Wat zit daar in de koffer van die toerist?

Nooit geen vragen gehad. In Sint Petersburg alles in elkaar geschroefd en dat levert mij een volwaardig statief met een vloeistof kop voor de vloeiende bewegingen. Om het daar te vervoeren heb ik een ski tas gekocht op wieltjes. Ik rijd het statief naar iedere plaats waar ik video-opnames maak. Zonder sneeuw en toch mobiel. Professionele camera’s zijn de laatste jaren hanteerbaar klein geworden. Ze zijn makkelijk naar Rusland te vervoeren. Daarmee heb ik geen problemen.

In de kathedraal heerst een serene rust. Het is een kerk met witgepleisterde muren en daarin blauw schilderwerk. Achter het podium hangen donkerblauwe gordijnen. Geen traditionele orthodoxe kerk. Wel een mooie. De kerk biedt plaats aan zo’n 600 bezoekers en met wat moeite gaan er 800 in.

Dat dit Nederlandse koor hier optreedt komt door de vele connecties, die de stichting Vrienden van Sint Petersburg hier heeft. Drie jaar eerder heeft een vergelijkbaar Nederlands koor een uitvoering gehad in de spiegelzaal van het Catharina paleis. Een ruimte die aan Elton John werd verhuurd voor € 10.000 per optreden. Een ruimte waar je tijdens een toeristenbezoek aan het paleis met plastic hoesjes over je schoenen moet lopen, vanwege de kwetsbare parket vloer.

Half acht ’s avonds, de zaal van de Smolny kathedraal loopt vol. Het is een gratis concert, gesponsord door de lokale afdeling van het Rode Kruis. Natuurlijk zijn er plaatsen tekort. Dat wordt opgelost met improvisatie. Extra stoelen. Mensen nemen plaats op vensterbanken of blijven eenvoudig staan. Om acht uur de formaliteiten. Cadeaus worden uitgewisseld en belangrijke mensen houden een toespraak.

Maar dan in de akoestiek van deze prachtige kerk barst het eerste deel van de Carmina Burana los. Carl Orff*, de componist zou zich hier thuis voelen. Deel na deel zingen koor en solisten zich door de Burana heen. Er komen bezoekers en er verdwijnen er bezoekers. Dat is Rusland. Bij gratis gelegenheden blijf je zolang je het mooi vindt. Of: Je kunt rustig wat later komen, want dan zijn er zeker plaatsen vrij van mensen, die vertrekken. En klopt die inschatting niet, dan blijf je staan of je zoekt een zitplaats op een vensterbank.

Intussen zet het koor en orkest een schitterende Carnina Burana neer. Tijdens het opnemen van de video schieten de tranen me soms in de ogen. Dat ik dit mag meemaken. In Rusland – Sint Petersburg. Op deze schitterende locatie. Ik ben bezig met mijn vak. Het wordt betaald. De beleving krijg ik er gratis bij.

*Carl Orff liet zich bij het componeren niet alleen inspireren door de middeleeuwse teksten, maar vooral ook door de afbeelding op de eerste bladzijde van het middeleeuwse handschrift in de Bayerische Staatsbibliothek. Op deze miniatuur zien we een wiel, het is het rad van fortuin. Onderaan het wiel ligt een koning in de modder, erbij staat: regnum non habeo, oftewel: ik heb geen koninkrijk. Links stijgt hij op met het wiel, erbij staat: Regnabo, oftewel, ik zal regeren. Bovenaan het wiel zit hij op de troon: regno, oftewel: ik regeer. Rechts daalt hij met het wiel af, erbij staat regnavi: ik heb geregeerd. De koning eindigt weer waar hij begon: onderaan. De compositie vertelt hetzelfde verhaal. We beginnen onderaan het wiel: het noodlot wordt beklaagd. Dan komt de lente, de natuur komt tot bloei en de liefde bloeit ook op, dit mondt uit in de lyrische uitroep: ik zou alles geven om bij de koningin van Engeland in de armen te liggen; hiermee zijn we bovenaan het wiel aangeland, in zekere zin is het koningschap bereikt. Vervolgens dalen we langzaam weer af, de afdaling is een overgave aan de liefde, die uitmondt in de totale overgave: Dulcissime, totam tibi subdo me, oftewel: allerzoetste, ik onderwerp me geheel en al aan jou. Daarmee is de cirkel rond.